Het opdoen van kennis is een doelstelling van zowel het Friese Veenweideprogramma (waar de Hegewarren onderdeel van is) als het landelijke Veenplan (waar de Hegewarren €15 miljoen uit ontvangt in de vorm van de zogenaamde Impulsgelden).

Het is de bedoeling om binnen het Friese Veenweideprogramma in een aantal (kansrijke) gebieden ervaring op te doen met oplossingen voor de veenweideproblematiek en de opgedane kennis te benutten ter ondersteuning van een stapsgewijze aanpak van het Friese Veenweidegebied. Ook landelijk richt de aanpak van het Veenplan zich momenteel o.a. op het opdoen van kennis over de effecten van de maatregelen op de CO2-emissie. Dit wordt gebruikt om tot een voorstel voor de tweede fase van het Veenplan fase te komen. De inzet van ‘impulsgelden’, waarvan € 15 miljoen is toegekend aan de Hegewarren, is een van de instrumenten uit het landelijke Veenplan.

Elke ontwerpvariant biedt een eigen kijk op de toekomst van de Hegewarren. Naast dat er in alle varianten kennis opgedaan kan worden over het verhogen van waterpeilen in combinatie met andere vormen van gebruik, inrichting en waterbeheer, biedt elke variant ook specifieke mogelijke lessen.

De variant Hoogwaterpolder 2.0 (variant 2) zet in op een innovatief en gedurfd modern productielandschap, met teelten passend bij hogere waterpeilen. Verdienmodellen met natte teelten zijn vaak nog onzeker; Hoogwaterpolder 2.0 biedt de kans te experimenteren en verdienmodellen te verkennen en te versterken.

Polderaquarel (variant 1) is wellicht een minder ambitieus of innovatief model, maar biedt de mogelijkheid aangepaste vormen van gebruik en beheer te laten zien met behoud van het klassieke veenweidelandschap. Agrarische natuurverenigingen kunnen hier experimenteren met o.a. het inrichten van robuuste gebieden voor weidevogels.

Zicht op Twee Landschappen en in meerdere mate Open en Natuurlijk bieden interessante kansen voor laagveenontwikkeling. Hierbij wordt de oxidatie van het veen niet alleen gestopt; er wordt ook de ruimte geboden het veen weer ‘omhoog te laten groeien’.  Deze ruimte biedt de kans te leren onder welke omstandigheden en op welke manier er (weer) laagveenontwikkeling plaats kan vinden.